Je kent het wel: de patiënt ligt klaar, de elektroden zitten op hun plek en je drukt op start. Maar in plaats van een zuiver hartfilmpje verschijnt er een nerveuze trilling op je scherm, of nog erger: de hele lijn golft als een woeste zee op en neer.
In een drukke praktijk is een ECG storing wel het laatste waar je op zit te wachten. Een onduidelijk ECG met veel ruis is simpelweg niet betrouwbaar te beoordelen door de arts. Meestal ligt het niet aan het apparaat zelf, maar aan kleine omgevingsfactoren die je gelukkig zelf kunt fixen.
Hier is je eerste hulp bij de meest voorkomende soorten ruis op het ECG.
1. Spiertrillingen (Tremor) op het ECG
Zie je kleine, onregelmatige pieken over de hele lijn? Dat is bijna altijd een spiertremor.
De oorzaak: Je patiënt heeft het koud, is gespannen, of spant onbewust de spieren aan. Zelfs als iemand de rand van de behandelbank stevig vasthoudt, zie je dat direct terug in de meting.
De oplossing: Zorg dat de kamer warm genoeg is en dat de patiënt de handen plat neerlegt (niet de bank vasthouden!). Helpt dit niet voldoende? Zet dan het myogram-filter (spierfilter) op het apparaat op 25Hz. Hiermee filter je de fijne trillingen elektronisch weg, waardoor de hartlijn direct rustiger en beter leesbaar wordt. Een ontspannen patiënt én de juiste filterinstelling zijn de sleutel tot een strak ECG.
2. De dikke zwarte lijn (50Hz brom of wisselstroom)
Als de basislijn ineens verandert in een dikke, egale zwarte balk, heb je last van elektrische interferentie.
De oorzaak: Wisselstroom uit de omgeving ‘lekt’ in je meting. Vaak komt dit door stroomkabels van andere medische apparatuur die te dicht bij de patiëntenkabel liggen, een stopcontact dat niet optimaal geaard is of knipperende tl-verlichting.
De oplossing: Leg de ECG-kabels zo vrij mogelijk en zorg dat deze geen andere snoeren kruisen. Werk je op een laptop of mobiele kar? Trek de stekker er eens uit en kijk of de storing stopt terwijl je op de accu werkt. Je zult verbaasd zijn hoe vaak dit de boosdoener is.